Solenis + NCH:<br />Samen Vooruit
NCH maakt nu deel uit van Solenis
Sluiten 686C6711-FB74-47F4-AFEE-14D0F9C09B39

Dode leidingen, biofilm en de veteranenziekte

Door: Light Industrial Solutions for Water Treatment | maandag 13 november 2017 | Leestijd: 4 minuten
Van het ene komt het andere

Dode leidingen in waterleidingsystemen in gebouwen kunnen ernstige problemen veroorzaken, waaronder aanhoudend positieve testresultaten op legionella en een verhoogde kans op de veteranenziekte. Door basiskennis over dode leidingen, het herkennen ervan en het aanpakken van de problemen die zij veroorzaken, kunnen gebouweigenaren de risico’s in verband met legionella en andere ziekteverwekkers in hun watersystemen verminderen.

Dode leidingen zijn delen van de leidingen van een watersysteem waarin, als gevolg van het ontwerp en/of de werking van het systeem, weinig tot geen stroming plaatsvindt. Bekende voorbeelden zijn afgesloten leidingen en dwarsverbindingen, afvoeren op het laagste punt, egalisatieleidingen van koeltorens, bypassleidingen en ruimtes of apparatuur die niet gebruikt worden. Kranen, douches, koelers, warmtewisselaars en pompen die slechts af en toe worden gebruikt, kunnen eveneens dode leidingen worden, afhankelijk van de duur van de inactiviteit.

In biofilms ligt de samenhang tussen dode leidingen en de veteranenziekte. Biofilms zijn ‘samenlevingen’ van bacteriën die zich aan een oppervlak hechten en omgeven zijn door een kleverige, gelachtige afscheiding die we meestal slijm noemen. Hoewel biofilms aanvankelijk microscopisch klein zijn, kunnen zij zich binnen enkele dagen ontwikkelen tot zichtbare biovervuiling. Allerlei probleemveroorzakende micro-organismen, waaronder Legionella-bacteriën, kunnen zich binnen biofilms tot hoge concentraties ontwikkelen, waar zij beschermd zijn tegen toevoegingen van desinfecteringsmiddelen of biociden. De gevolgen van biofilm zijn onder meer corrosie, minder warmteoverdracht, verstopte leidingen en problemen bij het terugdringen van verhoogde legionella-waarden.

Biofilms vormen de hoofdoorzaak van ernstige problemen in koeltorensystemen, waaronder verstopte leidingen, minder efficiënte warmteoverdracht, microbiële corrosie en de verspreiding van legionella. Door de ophoping van vuil en de verstopping van egalisatie- en afvoerleidingen, zijstroomfilters en niet-actieve apparatuur zijn deze plaatsen bijzonder geschikt voor de ontwikkeling van biofilms en legionella. Als biofilms zich eenmaal hebben gevormd, zijn ze hardnekkig en moeilijk helemaal te verwijderen, zelfs wanneer ze worden aangepakt met hoge concentraties chloor of andere desinfecteringsmiddelen.

Stilstaand water in dode leidingen schept de ideale omstandigheden voor de vorming van biofilms. Zonder doorstroming komt er in het water van een dode leiding geen desinfecteringsmiddel of biocide terecht. Daardoor kunnen bacteriën zich aan de oppervlakken van het systeem hechten, waardoor de vorming van biofilm op gang komt. Eventuele afzettingen bevorderen ook de groei van biofilm. Zodra biofilms en de daarmee samenhangende micro-organismen zich hebben gevormd, bieden zij een beschermende omgeving waarin eventuele legionella-bacteriën die via het bronwater een gebouw binnendringen, zich tot hoge concentraties kunnen ontwikkelen. Uiteindelijk kunnen legionellabacteriën in bulkwater terechtkomen en ziekte veroorzaken.

Als biofilms zich eenmaal hebben gevormd, zijn ze hardnekkig en moeilijk te verwijderen, zelfs wanneer ze worden aangepakt met hoge concentraties chloor of andere desinfecteringsmiddelen. Door het gebrek aan doorstroming en de moeilijke toegankelijkheid voor schoonmaak zijn biofilms in dode leidingen extra moeilijk weg te halen. De beste manier om dit aan te pakken is het verwijderen van de dode leiding. Wanneer dit niet haalbaar is, hebt u een mix nodig van ontwerp-, operationele en onderhoudsstrategieën om biofilmproblemen als gevolg van dode leidingen het hoofd te bieden.

  • Ontwerp:  Bij ontwerpstrategieën gaat het om mechanische aanpassingen die zorgen voor een continue doorstroming of een doorstroming met tussenpozen. Deze strategieën bestaan onder meer uit het verwijderen van dode leidingen of ongebruikte apparatuur, het aanleggen van verbindingsleidingen over dode leidingen heen en het aanleggen van afvoerleidingen om doorspoelen mogelijk te maken. Als algemene regel geldt dat de lengte van een afgesloten leiding minder dan tweemaal de diameter mag bedragen, om te voorkomen dat er een dode leiding ontstaat.
  • Operationeel:  U kunt dode leidingen ook tegengaan door, in combinatie met de toevoeging van desinfecteringsmiddelen of biociden, continu of periodiek een doorstroming tot stand te brengen via offline leidingen en apparatuur. Een gangbare strategie voor het beheer van koeltorensystemen is het programmeren van het gebouwbeheersysteem om ten minste tweemaal per week een doorstroming door niet-actieve systeemcomponenten (koelmachines, warmtewisselaars, pompen, leidingen, enz.) tot stand te brengen, in combinatie met het toevoegen van biociden. Op dezelfde wijze kunnen egalisatielijnen van torenreservoirs of afvoeren op het laagste punt automatisch worden doorgespoeld aan de hand van gemotoriseerde kleppen en timers.
  • Onderhoud:  Er zijn verder doeltreffende onderhoudsprocedures nodig om biofilms en dode leidingen aan te pakken. Systemen of onderdelen die langer dan een vastgestelde periode (~vijf dagen) niet gebruikt zijn, moeten bij de opstart worden gedesinfecteerd. Desinfectie en fysieke schoonmaak kunnen ook nodig zijn als reactie op microbiologische testresultaten die buiten de toegestane grenzen vallen. Het is zaak om eventueel opgehoopt vuil in egalisatie- en afvoerleidingen, zijstroomfilters en externe opvangbakken te verwijderen, en te zorgen dat de apparatuur en leidingen tijdens desinfectieprocedures goed worden doorgespoeld. Door een nieuw ontwikkelde behandeling voor het conditioneren van biofilm toe te passen, kan aanzienlijk meer aanslag worden verwijderd.

Stilstaand water als gevolg van druktesten op watersystemen in nieuwe gebouwen of uitbreidingen van bestaande systemen maakt deze bijzonder ontvankelijk voor problemen in verband met biofilm. Zelfs als het systeem is leeggepompt, kan achtergebleven water leiden tot ernstige biovervuiling. Nieuwe leidingsystemen en uitbreidingen moeten altijd worden schoongemaakt en gedesinfecteerd voordat ze in gebruik worden genomen.

Dode leidingen in watersystemen kunnen ernstige en kostbare problemen opleveren. Er moeten ontwerp-, operationele en onderhoudsstrategieën worden toegepast om biofilmproblemen aan te pakken op plaatsen waar dode leidingen niet kunnen worden verwijderd. Neem vandaag nog contact met ons op, voor meer informatie over onze hulp bij het aanpakken van uw problemen met waterbehandeling, bijvoorbeeld met betrekking tot biofilms.